Meer Nieuws

Nieuwsbrief van 26 maart 2013

Facebooktwitterlinkedinmail

Behandelde onderwerpen in deze nieuwsbrief:

 

Aandachtsgebied Belastingdienst 2012

Ieder jaar besteed de Belastingdienst extra aandacht op een aantal onderdelen bij de behandeling en controle van de aangiften inkomstenbelasting. Voor het aangiftejaar 2012 zijn dat: het verhogen van de hypotheek, de aftrek van lijfrentepremies, de aftrek van zorgkosten en de zogenaamde Duitse rente.

Mensen die in een bepaald jaar te maken hebben met echtscheiding, beseffen vaak niet dat dat ook fiscale consequenties heeft. De Belastingdienst wil deze groep mensen de komende jaren extra informatie bieden bij het indienen van de aangifte inkomstenbelasting.

 

Huurverhoging naar inkomen

De Eerste Kamer heeft onlangs ingestemd met het wetsvoorstel welke regelt dat scheefwonen wordt tegengegaan en de doorstroming van hogere inkomensgroepen wordt gestimuleerd. Vanaf 1 juli 2013 gelden er daarom hogere percentages voor de maximale huurverhoging voor hogere inkomens en middeninkomens; de zgn. inkomensafhankelijke huurverhoging.

De huurverhogingen gelden alleen voor de gereguleerde huursector. Verhuurders kunnen bij de Belastingdienst een inkomensverklaring voor hun huurders opvragen. Deze verklaring vermeldt alleen of het inkomen al dan niet boven of onder de inkomensgrenzen ligt. De peildatum hiervoor is 2011.  Tot en met 2012 was de jaarlijkse huurverhoging gelijk aan de inflatie. Met ingang van 1 juli 2013 zijn de percentages voor de maximale huurverhoging hoger dan de inflatie:

De huurtoeslag blijft bestaan om woningen voor lagere inkomens betaalbaar te houden. 1,5% Huurverhoging boven de inflatie wordt grotendeels gecompenseerd door de huurtoeslag.

 

Gewijzigde wetgeving betalingstermijnen

Met ingang van 16 maart 2013 is een nieuwe wet van kracht, welke de betalingstermijnen bij overeenkomsten tussen bedrijven (b2b) en tussen bedrijven en overheid vastlegt.

Wanneer bedrijven onderling niets vastleggen, is de wettelijke betalingstermijn 30 dagen ná factuur-datum. In een overeenkomst mag maximaal 60 dagen overeengekomen worden. Een betalingstermijn langer dan 60 dagen is alleen toegestaan als dat voor beide partijen niet nadelig uitpakt.

De betalingstermijn tussen overheid en bedrijven is wettelijk op maximaal 30 dagen gesteld. Hiervan kan niet worden afgeweken.

Er wordt in de wet niets opgenomen inzake de minimum betalingstermijn. Hierover kunnen onderling afspraken over gemaakt worden, waarbij ook vooruitbetaling tot de mogelijkheden kan behoren. Schuldeisers krijgen met ingang van deze wet meer instrumenten om betalingsachterstand tegen te gaan: wanneer een klant niet of te laat betaalt, mag zónder aanmaning vooraf, incassokosten in rekening worden gebracht. Als richtlijn wordt een percentage van het factuurbedrag gehanteerd, afhankelijk van de hoogte, met een minimum van € 40 en een maximum van € 6.775. Daarnaast mag wettelijke rente in rekening worden gebracht (Voor gehanteerde percentages: zie http://www.statistics.dnb.nl/usr/statistics/excel/wettelijke%20rente.xls )

 

Versnelde afschrijvingen 2013

Ter stimulering van de economie en het bedrijfsleven, heeft het kabinet besloten voor een éénmalige impuls in de vorm van maximaal 50% afschrijven op investeringen gedaan in 2013; normaal is dat 20%. Het doel hiervan is om bedrijven tijdelijk meer financiële armslag te geven voor het doen van investeringen en daarmee een bijdrage te leveren aan de economische groei. Deze maatregel geldt voor zowel belastingplichtigen voor de Inkomstenbelasting als voor de Vennootschapsbelasting.

 

Nieuwe Aanbestedingswet 2013

Met ingang van 1 april 2013 geldt de nieuwe Aanbestedingswet. Deze wet is bedoeld om MKB-bedrijven en ZZP-ers meer kans te geven op overheidsopdrachten, de concurrentie te bevorderen de lasten te verlichten en de klachtenafhandeling makkelijker te maken. Daarnaast mag de overheid geen onredelijke contractvoorwaarden meer stellen, zoals het dragen van alle risico’s van een bouwproject bij een kleine ondernemer.

In de nieuwe wet is het begrip Proportionaliteit opgenomen. Dit houdt in dat de eisen die aan een ondernemer worden gesteld, in verhouding moeten staan tot de opdracht. Hierdoor krijgen kleine MKB-bedrijven en ZZP-ers meer kans bij aanbestedingen (voor het Proportionaliteitsbeginsel zie:

http://www.dezaak.nl/documents/10157/1896721/Gids-proportionaliteit-2013 )

Daarnaast mag er niet geclusterd worden met opdrachten, zodat een kleine ondernemer geen kans zou kunnen maken ten opzichte van een bedrijf met (veel) meer landelijke vestigingen.

Ondernemer kunnen een zgn. Eigen verklaring opstellen waarmee ze aangeven dat ze voldoen aan de gestelde eisen voor de aanbesteding. Pas wanneer de aanbesteding aan een bedrijf is gegund, zal dat bedrijf alle originele bewijzen moeten aanleveren (Kwalificaties).

 

Werkkostenregeling uitgesteld

Reeds in eerdere nieuwsbrieven berichtten wij u dat de Werkkostenregeling (hierna: WKR) verplicht is met ingang van 1 januari 2014. Onlangs heeft Minister Weekers van Financiën bekendgemaakt dat het overgangsrecht van de WKR met één jaar wordt verlengd tot 1 januari 2015. Werkgevers hebben nu nog een jaar extra de tijd om zich voor te bereiden. De reden voor het uitstel is dat Minister Weekers de werkgevers en loonadministrateurs meer ‘helderheid’ wil bieden en ‘voldoende voorbereidingstijd’ wil geven. Daarnaast wordt momenteel gekeken of de WKR in zijn huidige vorm ook vereenvoudigd kan worden en aantrekkelijker gemaakt voor het MKB. Dit laatste is niet overbodig, daar er tot op heden weinig animo is voor deelname aan de nu nog vrijblijvende WKR.

Hoe kunt u zich als werkgever voorbereiden op de WKR:

Wanneer u onder de norm blijft, geeft de introductie voor de WKR geen problemen. Indien u boven de norm uit dreigt te komen, kunt u in 2013 en 2014 de vergoedingen en regelingen nog eens onder de loep nemen.

 

Schone auto’s voordelig in 2013

Met ingang van 2013 zijn de CO2-normen aangescherpt voor de bijtelling van de auto van de zaak en voor de berekening van de BPM en MRB. Toch kan het interessant zijn in 2013 een ‘groene’ auto aan te schaffen. Een auto wordt ingedeeld in een ‘vervuilingscategorie’ die oploopt van zeer zuinig (0% bijtelling) via tussenstappen van 14% en 20% naar de minst milieu-vriendelijke categorie van 25% bijtelling. Het bijtellingspercentage is afhankelijk van de CO2-uitstoot. Daarnaast wordt onderscheid gemaakt in diesel en andere brandstoffen.

Wanneer een auto meer dan 15 jaar geleden voor het eerst in gebruik is genomen (zie deel 1), geldt altijd een bijtelling van 35% van de waarde van de auto in het economisch verkeer; mits er meer dan 500 km per jaar voor privë-doeleinden wordt gereden.

Vanaf 2013 wordt de BPM (Belasting op Personenauto’s en Motorrijwielen) berekend op basis van de CO2-uitstoot. Daarnaast wordt het tarief van de CO2-afhankelijke dieseltoeslag aangescherpt.

Tenslotte zijn ook de tarieven van de Motorvoertuigenbelasting (MRB) per 1 januari 2013 gestegen met 2,2%. De vrijstelling voor zeer zuinige auto’s blijft van kracht tot 1 januari 2014.

Nieuw in 2013 is dat bij aanschaf van een nieuwe zeer zuinige auto in 2013, een extra fiscale aftrekpost toegepast kan worden in de vorm van Milieu Investeringsaftrek (MIA) van 13,5% van de investering. Dit geldt voor auto’s met een bijtelling van 14%. Hiermee is de toepassing van de VAMIL komen te vervallen. Auto’s met een nihilbijtelling (zeer zuinige auto’s) kunnen zowel de MIA (36%) als de VAMIL toepassen.

 

Tijdelijke verlaging BTW op renovatie en herstel woningen en tuinonderhoud

Met ingang van 1 maart 2013 wordt het BTW-tarief tijdelijk verlaagd naar 6% voor renovatie en herstel van woningen (mits ouder dan 2 jaar na ingebruikneming) én voor aanleg en onderhoud van tuinen.

Het verlaagde BTW-tarief is uitsluitend van toepassing op arbeid en dus niet op materiaalkosten.

Deze tijdelijke verlaging geldt voor een periode van 1 jaar tot 1 maart 2014. De werkzaamheden moeten wel vóór deze datum afgerond zijn, anders geldt het verlaagde tarief niet; ook niet de werkzaamheden die voor de datum zijn verricht. Als de werkzaamheden vóór 1 maart 2013 zijn gestart en afgerond vóór 1 maart 2014, dan mag op het hele bouwtraject voor de arbeidskosten het verlaagde BTW-tarief worden toegepast.

Onder de werkzaamheden vallen het vernieuwen, vergroten, herstellen of vervangen en onderhouden van (delen van) woningen, inclusief keukens en badkamers. Onder de regeling vallen ook de (arbeids)kosten voor werkzaamheden in/aan garages, schuren, serres, paardenboxen, zwembaden, tennisbanen, aan- en uitbouwen, mits gelegen op hetzelfde perceel als de woning.

De opdrachtgever kan zowel een particulier, woningcorporatie of een (andere) ondernemer zijn.

Enkele specifieke goedkeuringen op toepassing van verlaagd BTW-tarief zijn:

Voor meer informatie omtrent deze maatregel en de specifieke toepassing hiervan, verwijzen wij u naar de volgende site:

http://www.rijksoverheid.nl/documenten-en-publicaties/besluiten/2013/02/28/blkb2013-305-omzetbelasting-verlaagd-btw-tarief-op-arbeidskosten-bij-renovatie-en-herstel-van-woningen.html

 

 Uitkeringstoets bij uitkering aan aandeelhouders

De zgn. uitkeringstoets is een onderdeel van de Wet Vereenvoudiging en Flexibilisering BV-recht (kortweg Flexwet) die per 1 oktober 2012 van kracht is geworden. De uitkeringstoets houdt in dat de BV alleen nog uitkeringen, zoals dividend, kan doen aan haar aandeelhouders als de BV daarmee de uitbetaling van opeisbare schulden aan de overige crediteuren niet in gevaar brengt. Het bestuur van de BV dient daartoe te toetsen of de BV ook ná de uitkering in staat is aan haar verplichtingen richting de overige opeisbare schulden van crediteuren te voldoen. Bij deze toets gaat het om de beoordeling van de betalingsperiode van één jaar ná het moment van uitkeren. Indien de toets positief is, dan moet het bestuur goedkeuring geven tot uitkering. Wanneer de toets negatief is, mag er geen goedkeuring verleend worden. Voor het uitvoeren van de uitkeringstoets is wel enige financiële kennis vereist. Op een verkeerde beslissing staat een flinke sanctie, waarbij de bestuurders hoofdelijk aansprakelijk zijn voor de tekorten die ontstaan.  

 

Subsidie voor innovatieve en duurzame MKB-bedrijven

Via ASBR Subsidium is ons het volgende aangereikt:

De Provincie Groningen heeft een subsidieprogramma geïntroduceerd voor het Groningse Midden- en Kleinbedrijf die een innovatief en/of duurzaam project uit gaan voeren. Het programma IDG is bestemd voor Groningse MKB-ers die eventueel in samenwerking met andere Groningse MKB-ers en/of kennisinstellingen een innovatieproject gaan uitvoeren. MKB-ers uit de sectoren LifeSciences, Energie, Sensortechnologie, Agribusiness en Creatieve Industrie genieten hierbij de voorkeur. Het gaat hierbij om projecten op het gebied van product, productieproces, bedrijfssituatie of omgeving.

De subsidie bedraagt maximaal 50% van de subsidiabele projectkosten met een minimum van
€ 10.000 en een maximum van € 100.000.

Bent u van plan een project te starten die in één van bovengenoemde sectoren valt, neem dan contact met ons op en wij begeleiden u verder.

 

Openstelling EZ-subsidies in 2013

Het ministerie van Economische Zaken (voorheen Economische Zaken, Landbouw & Innovatie) heeft onlangs verschillende EZ-subsidies opengesteld voor 2013 en 2014. Onderstaand vindt u het overzicht:

 

Onderwerp Openstelling 2013
Voorlichtings- en afzetbevorderingsacties
– eerste openstelling 26 feb t/m 15 april
– tweede openstelling 12 aug t/m 30 sept
Praktijknetwerken 1 t/m 28 maart
Gecombineerde opgave
– Bedrijfstoeslag 1 april t/m 15 mei
– Brede weersverzekering 1 april t/m 15 mei
Compensatie schapen en geiten 1 april t/m 15 mei
– Diervriendelijk produceren 1 april t/m 15 mei
– Probleemgebiedenvergoeding 1 april t/m 15 mei
– Vaarvergoeding
Marktintroductie energie-innovaties 1 mei t/m 14 juni
Jonge landbouwers 1 t/m 28 okt
Natuur en landschap
Agrarisch natuur- en landschaps-beheer 2014 (SNL-agrarisch) 15 november t/m 31 december
Betaalverzoek voor agrarisch natuur- en landschapsbeheer 1 april t/m 15 mei
Natuur- en landschapsbeheer 2014 (SNL-natuur) 15 november t/m 31 december
Probleemgebiedenvergoeding (in gecombineerde opgave) 1 april t/m 15 mei

 


terug