Meer Nieuws

Nieuwsbrief van 2 februari 2010

Facebooktwitterlinkedinmail

Behandelde onderwerpen in deze nieuwsbrief:

 * Heffingsrente fiscus

Het tarief voor de heffingsrente en invorderingsrente voor het eerste kwartaal 2010 is vastgesteld op 2,5%. Het percentage voor de twee voorgaande kwartalen bedroeg 2,5% in het vierde kwartaal 2009 en 2,75% in het derde kwartaal van 2009.

* Belastingplan 2010

Op 22 december 2009 heeft de Eerste Kamer het Belastingplan 2010 aangenomen.  Onderstaand volgt (nogmaals) een verkort overzicht van de belangrijkste veranderingen:

Particulieren:

Ondernemers:

Structureel:

 * Inkeerregeling anno 2010

Binnenlands belastingplichtigen met vermogen op buitenlandse rekeningen, hadden tot 31 december 2009 de gelegenheid om dit vermogen vrijwillig en boetevrij aan te geven. Dit wordt de inkeerregeling genoemd. In 2009 hebben zo’n 5.000 belasting-plichtigen hier gebruik van gemaakt, en gaven zij aan zo’n € 1,5 miljard op buiten-landse rekeningen te hebben staan.

Vanaf 1 januari 2010 is de inkeerregeling sterk versoberd en krijgen inkeerders 15% boete. Wanneer de belastingdienst zelf achter verborgen buitenlands kapitaal komt, wordt de boete met 300% verhoogd.

* Aflossen bij gemengde lening

Wanneer u een hypothecaire lening heeft afgesloten die niet geheel wordt gebruikt voor de aankoop of verbouwing van de eigen woning, is er sprake van een gemengde lening. Hiervan is bijvoorbeeld sprake als een deel van de lening gebruikt wordt voor zogenaamde consumptieve doeleinden (aanschaf auto, tweede (vakantie) woning of een verre reis) of omdat eerst de eigenwoningreserve moet worden gebruikt. Alleen het deel van de lening voor de eigen woning, valt in box I en is de rente aftrekbaar. Het andere leningdeel valt in box III en hiervan is de rente dus niet aftrekbaar.

De belastingdienst heeft goedgekeurd dat een aflossing van de gemengde lening, eerst aan het box III-deel toegerekend wordt. Zo wordt het deel waarop geen renteaftrek mogelijk is, sneller afgelost, hetgeen fiscaal voordeliger is. Bij het maken van de aangifte kan de keuze gemaakt worden over welk leningdeel wordt afgelost.

* Oprichting BV makkelijker

De regels met betrekking tot het opzetten van een Besloten Vennootschap worden een stuk eenvoudiger. De Tweede Kamer heeft onlangs een wetsvoorstel goedgekeurd waarin een aantal wijzigingen staan.

Zo vervalt de minimumkapitaaleis van € 18.000, waardoor ook kleinere ondernemingen makkelijker kunnen kiezen voor de BV-vorm. Tevens vervalt de blokkeringsregeling, waardoor het eenvoudiger is voor aandeelhouders, om hun aandelenpakket aan derden te kunnen verkopen. Ook de bankverklaring en de accountantsverklaring, die nodig was bij inbreng in natura komen te vervallen.

Bij het opstellen van de statuten kan vaker worden afgeweken van de wetsbepalingen, zoals het uitgeven van aandelen zonder stemrecht. Tenslotte kan ieder aandeelhouder zijn/haar eigen bestuurder benoemen.

* Versoepeling verliescompensatie in VPB

De huidige regels met betrekking tot verliesverrekening houden in dat het fiscaal verlies kan worden verrekend met het voorafgaande jaar (carry-back) of met de komende 9 jaren (carry-forward).

In het kader van crisismaatregelen en verruiming van de liquiditeit bij ondernemers, biedt het kabinet aan de carry-back-periode te (mogen) verlengen van één naar drie jaar voor de jaren 2009 en 2010. Dit betekent dat een fiscaal verlies in 2009 verrekend kan worden met fiscale winsten uit 2006, 2007 en/of 2008. Als hiervoor gekozen wordt, zal dit ten koste gaan van de carry-forward-periode. In het voorbeeld betekent dit dat het resterende verlies tot uiterlijk 2015 verrekend kan worden.

* Rundveeshow 2010

Op 27 februari as. zal Accountantskantoor Groeneveld wederom vertegenwoordigd zijn op de Groninger Rundveeshow. Deze wordt gehouden in de manege aan de Wroetende Mol 3 te Bedum. Wij nodigen u van harte uit in onze stand voor een heerlijke kop koffie en een goed gesprek.

* Teruggaaf energiebelasting

Heeft u twee of meer energieaansluitingen op één (post) adres, dan kunt u mogelijk teruggaaf energiebelasting ontvangen. De energiebelasting is een milieubelasting, welke wordt geheven bij de verbruiker en wordt geïncasseerd via het energiebedrijf. De energiebelasting heeft een schijventarief met een degressief verloop. Dit betekent dat wanneer het verbruik toeneemt, het tarief per eenheid lager is.

Per elektriciteitsaansluiting wordt er een vaste heffingskorting in mindering gebracht. (€ 319 en € 199 excl. BTW in 2009 resp. 2008). Bij samenvoeging van het verbruik van alle aansluitingen, wordt er mogelijk een voordeel behaald door het degressieve tariefsysteem (vanaf plm. 35.000 kWh). Wanneer het voordeel boven de inlevering van de heffingskorting(en) uitkomt, is er teruggaaf mogelijk.

Om een inschatting te maken of er recht is op teruggaaf energiebelasting, zijn de WOZ-beschikkingen van de betreffende onroerende zaken en de meest recente energie-afrekeningen van belang. De periode waarover ambtshalve teruggaaf kan worden verleend is 5 jaar.

Denkt u dat u in aanmerking komt voor teruggaaf, dan kunt u contact opnemen met Mevr. Jantine Lanenga van ons kantoor, telefoonnummer 0595-552355.

 

 Special: BTW-aftrek en privé-gebruik auto

In deze special worden de regelingen beschreven voor de aftrek van voorbelasting in verband met het zakelijk of privé gebruik van een auto. Hierbij wordt uitgegaan van de regelingen zoals die per 1 januari 2010 gelden.

Voor de aftrek van voorbelasting wordt in de Wet op de omzetbelasting (1968) onderscheid gemaakt tussen:

a)     zakelijk en privé gebruik van een auto door de ondernemer zelf (eenmanszaak);

b)     zakelijk en privé gebruik van een auto door werknemers.

Ad a): zakelijk en privé gebruik van een auto door de ondernemer zelf

Indien de ondernemer zijn auto voor slechts privé doeleinden gebruikt, mag er geen BTW in aftrek genomen worden, en bij verkoop van de auto is de ondernemer geen BTW verschuldigd.

Als de ondernemer de auto alleen voor zakelijke doeleinden of zowel voor privé als zakelijke doeleinden gebruikt, dient eerst een keuze gemaakt te worden of hij de auto tot zijn ondernemingsvermogen (I) dan wel tot zijn privé vermogen (II) wil rekenen. De keuze hiertoe moet gemaakt worden bij aanschaf van de auto.

Ad I): Auto behoort tot ondernemingsvermogen

Als de ondernemer zijn auto tot het ondernemingsvermogen rekent, gelden de gewone regels voor de aftrek van de voorbelasting. Recht op aftrek van voorbelasting op de auto geldt voor zover de auto ingezet wordt voor met BTW-belaste prestaties. Ook bij verkoop van de auto, is de ondernemer BTW verschuldigd over de verkoopprijs.

Indien de (bestel)auto tevens gebruikt wordt voor privé doeleinden (meer dan 500 km op jaarbasis), zal een correctie gemaakt moeten worden op de reeds afgetrokken voorbelasting. De BTW-correctie houdt in 12% over het bedrag dat als onttrekking (lees: bijtelling) voor de inkomstenbelasting wordt aangemerkt. Dit bedrag wordt apart in de laatste aangifte van het boekjaar vermeld. De bijtelling wordt berekend door een percentage te berekenen over de catalogusprijs van de auto. Het percentage wordt bepaald op basis van de soort auto (zuinig, zeer zuinig, ouder dan 15 jaar, overig). De catalogusprijs is inclusief de hierover verschuldigde BTW en BPM (zie factuur bij nieuwkoop).

Bij een privé gebruik van minder dan 500 km per jaar, indien aangetoond met een sluitende kilometerregistratie, kan bijtelling achterwege gelaten worden.

Indien de werkelijke kosten (afschrijving, brandstof, verzekering, MRB, onderhoud) lager zijn dan de forfaitaire bijtelling, kan worden volstaan met de lagere onttrekking. Voor de BTW-correctie kan hierbij aangesloten worden.

Ad II): Auto behoort tot privé vermogen

Als de ondernemer zijn auto tot zijn privé vermogen rekent, dan kan de BTW bij aanschaf van de auto niet als voorheffing worden meegenomen. Bij latere verkoop van de auto, is te zijner tijd dan ook geen BTW verschuldigd. De BTW op het gebruik en onderhoud is op normale wijze als voorheffing aftrekbaar, naar rato van zakelijke kilometers/totaal gereden kilometers. Indien de kilometeradministratie onvoldoende aanwezig is, dan mag worden uitgegaan van 75% aftrek.

Het bovenstaande geldt ook voor auto’s welke wel tot het ondernemingsvermogen behoren, maar waarvoor bij de aanschaf geen BTW in rekening is gebracht. Bij verkoop is te zijner tijd dan ook geen BTW verschuldigd.

Ad b): zakelijk en privé gebruik van een auto door werknemers

De BUA (Besluit uitsluiting aftrek omzetbelasting) regelt onder andere dat er geen aftrek van voorbelasting bestaat voor het privé gebruik van een auto door een werknemer. Van privé gebruik is sprake, indien de werknemer gebruik maakt van de auto-van-de-zaak voor privé vervoer, niet zijnde woon-werkverkeer.

In principe dient de door de werknemer gevoerde kilometeradministratie gesplitst te worden in een aftrekbaar deel (zakelijk) en niet-aftrekbaar deel (privé). In de praktijk is het toegestaan voor de correctie wegens privé gebruik aan te sluiten bij de regeling zoals die geldt voor de ondernemer zelf (zie hierboven). De correctie betreft dan 12% BTW over de bijtelling. De bijtelling wordt verrekend in de loonbelasting.

Indien de werknemer kan aantonen aan de hand van een deugdelijke kilometeradministratie, dat zijn/haar privé gebruik, buiten het woon-werkverkeer om, minder dan 500 km bedraagt, dan vindt er geen bijtelling noch correctie BTW plaats.


terug